Workshop

Zingend leren rekenen

Bij aanvang van de workshop van De Staat van de Leerling in Loods 8 worden gekleurde strandballen uitgedeeld. Kan je met deze bal de inhoud van een zaal berekenen? Of een berg uitbeelden? Of misschien een romantisch verhaal vertellen? Vier groepen krijgen allemaal een verschillende opdracht en gaan aan de slag met de strandbal: er wordt een piramide gemaakt, een half leeggelopen bal is een lelijke prins en de ballen stuiteren in een vast ritme op de grond.

Woordknap of natuurknap
“Met één zo’n strandbal kan je verschillende opdrachten uitvoeren,” zegt leerling Stijn, die meewerkte aan de Staat van de Leerling 2017. “Zo is het ook in het onderwijs: de lesstof is de bal maar hóe je leert en dit verwerkt, is leerlingafhankelijk.” Hij haalt psycholoog Howard Gardner aan, die acht soorten intelligentie formuleerde, zoals woordknap, beeldknap of natuurknap. Leerlingen kunnen onderling enorm van elkaar verschillen, net als hun favoriete manier van leren. 

Maar hoe zorg je ervoor dat die manier van leren goed bij de leerling aansluit? Dat je de juiste vorm kiest? “Een leerling vertelde dat hun biologieleraar de worteldruk uitlegde door er een toneelstuk van te maken. Ook een jaar later wisten ze nog precies hoe het zat!” vertelt Stijn. Het is één van de manieren om de lesstof duidelijk over te brengen. En leren door te dóen is veruit favoriet onder leerlingen, zoals ook blijkt uit de enquête die is ingevuld door de leerlingen van onder andere het vmbo, havo en vwo. Net zoals een les waarbij ze naar buiten gaan goed in de smaak valt, of als er muziekles wordt gegeven!

Petje af
De zaal transformeert al snel in een leerling-Lagerhuis. Hugo Hopstaken, strategisch adviseur onderwijsbeleid bij de IvhO, legt de deelnemers de eerste stelling voor: ‘Leraren kunnen eigenlijk alleen maar lesgeven aan leerlingen die woordknap of rekenknap zijn.’ Wie voor is mag de bal op de grond houden, wie tegen is mag de bal omhoog houden. Slechts een jongen van de basisschool houdt zijn strandbal ferm omhoog. “Ik ben Jesse en beelddenker, en ik heb een meester die woorddenker is. Nu krijg ik les van een coach die me lesgeeft hoe ik het beste kan leren.”

Een leerling van de Pabo laat de strandbal zakken. “Hoewel we op onze opleiding vakken krijgen als kunst en muziek, is woordknap en rekenknap toch het belangrijkst. Dat komt deels door de cito-toets, waarbij het niet uitmaakt of je heel goed bent in muziek.” Een dame reageert: “Je kunt ook zingend leren rekenen. De ene leraar heeft meer met taal maar kan met bewegen en spel ook een heel eind komen. Je kan een aardige combinatie voor elkaar krijgen. Als je maar ruimte biedt aan al die verschillende intelligenties.” Iemand anders uit de zaal voegt daaraan toe: “Einstein zei al eens: ‘Een vis kan niet in een boom klimmen.’ Kijk dus vooral hoe de lesstof wordt aangepast zodat ieder kind zijn talent kan ontwikkelen.”

 


Britt van Daalen, Leerling van CSG Willem van Oranje

“Ik heb meegedaan aan de enquête die we op Facebook hebben gezet zodat alle leerlingen die konden invullen. En speciaal voor De Staat van de Leerling heb ik een column over passend onderwijs geschreven. Zelf zit ik in een rolstoel en het is fijn om aan excursies mee te doen op school, als dat kán. Toch heb ik ook niet zulke goede ervaringen. Je moet aangenomen worden door de school, maar daar houdt het vaak dan wel mee op. Ik heb bijvoorbeeld een schoollaptop gekregen met een budget en daar moesten alle boeken op staan. Maar tot oktober heb ik geen lesboeken gehad. Dat mag wel worden verbeterd!”

Voeg toe aan selectie